Kernkwaliteiten Jenaplanonderwijs


Het Jenaplanconcept is een concept, waarbij de volgende relaties centraal staan:
 

Ik (de relatie van het kind met zichzelf)

1. Kinderen leren kwaliteiten/uitdagingen te benoemen en in te zetten, zodat zij zich competent kunnen voelen.

2. Kinderen leren zelf verantwoordelijkheid te dragen voor wat zij willen en moeten leren.

3. Kinderen worden beoordeeld op de eigen vooruitgang in ontwikkeling.

4. Kinderen leren te reflecteren op hun ontwikkeling en daarover met anderen in gesprek te gaan.

 

Jij en wij (de relatie van het kind met de ander)

5. Kinderen ontwikkelen zich in een leeftijdsheterogene stamgroep.

6. Kinderen leren samenwerken, hulp geven en ontvangen, en met andere kinderen daarop te reflecteren.

7. Kinderen leren samenleven in de groep en de school, zodat iedereen tot zijn recht komt en zich prettig voelt.

 

De wereld (de relatie van het kind met de wereld)

8. Kinderen leren dat wat ze doen er toe doet en leren in levensechte situaties.

9. Kinderen leren zorg te dragen voor de omgeving.

10. Kinderen passen binnen wereldoriëntatie de inhoud van het schoolaanbod toe om de wereld te leren kennen.

11. Kinderen leren spelend, werkend, sprekend en vierend volgens een ritmisch dagplan.

12. Kinderen leren initiatieven te nemen vanuit hun eigen interesses en vragen.